Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

De malrotatie is een aangeboren afwijkende ligging van de darm als gevolg van een abnormale draaiing van de darm bij het zich ontwikkelende ongeboren kind. Indien de natuurlijke draaiing van de darmen niet of niet goed heeft plaatsgevonden, dan kunnen op twee manieren symptomen optreden. De aangeboren vliezen (Laddse banden) lopen bij een malrotatie, door de afwijkende ligging van de darm, over de twaalfvingerige darm (duodenum) en kan daardoor een afsluiting veroorzaken. Deze afsluiting uit zich in gallig (groen) braken en problemen met de voedselinname. Een ernstigere complicatie van deze aandoening is een volvulus van de darmen. Omdat de darmen niet normaal gefixeerd zijn, treedt er een draaiing op van het volledige dunne darmpakket en de aanvoerende bloedvaten. Hierdoor wordt de bloedvoorziening naar de dunne darm afgesloten en kunnen darmen afsterven. Een volvulus geeft ernstige klachten van buikpijn en darmafsluiting en is onbehandeld dodelijk.

  • Lees meer

    Epidemiologie 
    Naar schatting hebben 1 op 6.000 levendgeborenen een symptomatische malrotatie. Deze aandoening kan echter ook zonder klachten (asymptomatisch) verlopen. Naar schatting komt asymptomatische malrotatie bij 1 op 500 voor. Meer dan 50% van de kinderen met een symptomatische malrotatie presenteert zich voor de eerste levensmaand met een volvulus en 80% voor het eerste levensjaar meestal met een minder ernstige of zonder volvulus. Daarnaast presenteert zich nog 15% na het eerste levensjaar.

    Diagnose
    De diagnose wordt gesteld op basis van de klachten: gallig braken, licht opgezette buik, buikpijn, achterblijven groei en/of bloederige ontlasting (bij volvulus). De diagnose wordt meestal bevestigd met echografisch onderzoek. Soms is verder aanvullend onderzoek nodig, zoals röntgenfoto’s met contrast.

    De behandeling
    De behandeling van een symptomatische malrotatie is operatief. De verklevingen (Laddse banden) worden doorgenomen en de darm wordt in een positie gelegd waarbij er een goede doorgankelijkheid is. Omdat de appendix in deze positie linksboven in de buik gelegen is, wordt meestal een appendectomie verricht (verwijderen van de appendix) om vergissingen in de toekomst te voorkomen in geval van een mogelijke blindedarmontsteking (appendicitis). In geval van een ernstige volvulus moet zo snel mogelijk een operatie worden verricht om afsterven van de darmen te voorkomen. De darmen en bloedvaten worden teruggedraaid om de bloedvoorziening te herstellen. Indien er toch al afsterving van darmen heeft plaats gevonden moeten deze darmen worden verwijderd.

    Na de operatie
    Na de operatie moet de functie van de darm weer herstellen. De voeding wordt langzaam opgebouwd. Soms gaat er wat langere tijd overheen voordat de darmfunctie volledig is hersteld en is er tijdelijk voeding via een sonde of zelfs via een bloedvat noodzakelijk (parenterale voeding).

    Risico’s van de operatie 
    Als de operatie in geval van een ernstige volvulus te laat wordt verricht, kan er reeds bij de operatie niet-vitale (dode) darm aanwezig zijn en moet het zieke darmdeel worden verwijderd. Als er veel darm moet worden verwijderd, kan een kortedarmsyndroom ontstaan met levenslange consequenties.

    Verwachtingen op de lange termijn 
    De prognose van de ongecompliceerde malrotatie is goed. Soms blijven er in meer of mindere mate functionele problemen zoals obstipatie bestaan. Indien een deel van de darm moet worden verwijderd, is de prognose sterk afhankelijk van de lengte van de functionele darm die over blijft.

    In beeld 
    De University of Chicago heeft een (Engelstalige) animatie gemaakt waarin zichtbaar is wat een malrotatie is.

Sluit de enquête