Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

Behandelingen

Congenitale hernia diafragmatica (CHD)

Congenitale hernia diafragmatica is een aangeboren afwijking. Het is een opening in het middenrif; dit is de ademhalingsspier die de buikholte van de longen scheidt. Deze opening ontstaat door het niet volledig sluiten van deze spier. Hierdoor kunnen zich organen van de buikholte naar de borstkas verplaatsen en hier de longen plat duwen.

  • Lees meer

    Epidemiologie 
    Deze afwijking komt voor bij 1 op 2.500 baby’s. Deze afwijking kan al ontstaan vanaf de achtste week van de zwangerschap en komt meestal voor aan de linkerkant van het middenrif. De oorzaak is niet gekend. Er bestaan verschillende vormen van aangeboren diafragma defecten.

    Diagnose
    Vóór de geboorte kunnen buikorganen in de borstkas met echografie worden vastgesteld. De verplaatsing van de organen kan de ontwikkeling van de longen belemmeren en dus ernstige gevolgen hebben voor de overleving. Ná de geboorte, indien de aandoening reeds bekend was, volgt snel een chirurgische behandeling. Soms is er echter geen aanwijzing voor deze aandoening en ontwikkelt het kind symptomen. Deze kunnen zeer snel optreden of geleidelijk aan ontstaan. Kinderen kunnen in ademnood komen door verdrukking van de longen, of hebben intestinale klachten (braken, buikpijn). Vaak kan met radiologisch onderzoek snel een diagnose worden gesteld.

    De behandeling
    De behandeling van een congenitale hernia diafragmatica is altijd operatief en gebeurt snel na de geboorte of na de diagnose. Afhankelijk van het type middenrifbreuk (Bochdalek, Morgagni, groot of klein), kan de behandeling verschillen. Een operatie kan open (met een klassiek litteken) of via een kijkoperatie (via de buikholte of via de borstkas) verlopen. Organen worden weer op hun plaats gebracht en het middenrif wordt gesloten, soms met een matje.

    Opvang na de geboorte
    Indien deze afwijking voor de geboorte bekend was, wordt gekeken of de longen voldoende zijn ontwikkeld. Dit is bepalend voor de overlevingskansen. Sommige kinderen moeten geholpen worden om te ademen en worden snel geïntubeerd. Een neus-maagsonde wordt ingebracht om de druk op de ingewanden te doen afnemen. Eventuele ademhalingsproblemen moeten eerst zijn opgelost; daarna wordt pas een operatie gepland.

    Voorbereiding op de operatie 
    Voor de operatie krijgt het kind een neus-maag sonde. Dit is een slangetje via de neus naar de maag, waardoor vocht kan worden toegediend.

    Na de operatie
    Na het herstel van het middenrif kan het zo zijn dat er nog wat steun voor het ademhalen nodig is. In dat geval zal het kind nog de nodige tijd worden beademt. Soms wordt er een thoraxdrain nagelaten. Indien mogelijk wordt de voeding snel opgestart. 

    Risico’s van de operatie 
    Zoals bij elke operatie zijn ook aan deze operatie risico’s verbonden. Deze kunnen toenemen bij geassocieerde afwijkingen (bijvoorbeeld hartafwijkingen), maar vooral de mate van longontwikkeling is een belangrijke factor.

    Verwachtingen op de lange termijn 
    Bij enkel een middenrif defect, zonder longproblemen, is de lange termijn verwachting goed. Indien echter ook andere aandoeningen voorkomen, hangt de verwachting ook hier van af. Kinderen zullen poliklinisch worden opgevolgd, om na te gaan of het middenrif goed meegroeit met het kind en om eventuele complicaties vroeg te onderkennen.

    Nuttige links

    Betrokken specialismen
    Bij de behandeling van patiëntjes met congenitale hernia diafragmatica zijn de specialismen neonatologie en kindergeneeskunde, de kinder maag-darm-lever arts en kinderlongartsen betrokken.

Sluit de enquête